Mollen


Zijn slechte zicht en spitse snuit, die voorzichtig boven de grond uitkomt, geven de mol een ietwat sullig imago. Onterecht, want deze insecteneter graaft met zijn stevige voorpoten indrukwekkende gangenstelsels. Daarmee zijn mollen de vrees van iedere gepassioneerde tuinliefhebber. Door hun
enorme werklust en graafkracht zijn ze in staat om een strak en grasgroen gazon om te toveren tot een heuvelachtig landschap. En het vangen van mollen is makkelijker gezegd dan gedaan.

De mol is een zeer veel voorkomend plaagdier. Hij is te herkennen aan zijn zwart tot blauwzwart gekleurde vacht en zijn spitse snuit. In zijn vacht liggen kleine oren en ogen verborgen, zo groot als een flinke speldenknop. Mollen zijn praktisch blind, maar kunnen goed horen en ruiken. Het meest opmerkelijk zijn de twee voorpoten, die krachtige graafwerktuigen vormen; de naar buiten gedraaide handen zijn verbreed met een extra vinger. De mol is zo’n 12 tot 16 cm lang, inclusief zijn 2,5 cm
lange staart. Mannetjes wegen ongeveer 120 gram, vrouwtjes 90 gram. Soms maakt de mol een piepend geluid, in dreigende situaties kan de mol zelfs blazen. Een mol wordt gemiddeld drie jaar oud. Vele van hen worden het slachtoffer van roofvogels, katten, reigers en het verkeer.

Solitair
Mollen hebben een territorium ter grootte van zo’n 400m², waarin zij solitair leven. De mol accepteert dan ook geen soortgenoot in zijn woongebied. Mannetjes verlaten in het voorjaar hun territorium op zoek naar een vrouwtje. Ze schuwen daarbij het water niet, want mollen kunnen zwemmen. Na de paring wordt het mannetje verjaagd en maakt het vrouwtje een nestkamer van zachte vezels, zoals dorre bladeren, mos en gras. Na een dracht van 4 à 5 weken worden 2 tot 7 jongen blind geboren.
In drie weken groeien ze uit tot vrijwel volwassen lengte en is de vacht ontwikkeld. De jongen worden 4 tot 5 weken gezoogd en blijven daarna nog 2 à 3 weken in het gangenstelsel van de moeder. Eind juni worden de jongen gedwongen om op zoek te gaan naar een eigen territorium.

Gangen
In een gebied waar mollen zich ongestoord kunnen ontwikkelen, hebben ze elk een afzonderlijk deel van een groter gangenstelsel. Er is een stelsel van oppervlakkige gangen, ook wel jaaggangen of ritten genoemd, en een stelsel van diepere gangen bestemd voor voortplanting en voedselvoorraad. Bij de oppervlakkige gangen wordt de grond meestal wat omhoog gedrukt, bij de diepere gangen wordt de grond helemaal naar boven gewerkt en ontstaan hopen. De doorsnede van een gang is 4 tot 5 cm. De verblijfsgangen en holtes, waar voedselvoorraden worden aangelegd, waar wordt geslapen en het nest wordt gemaakt, beslaan een lengte van om en nabij 150 meter. Een mol kan zich met zo’n 7 km per uur ondergronds voortbewegen, zowel voor- als achteruit. Per uur graaft een mol een gang van 12 tot 15 meter lengte. De diepte van het territorium is afhankelijk van het grondwaterniveau en de grondsoort, maar kan in strenge winters tot wel 60 cm diep zijn.

Overlast
Vooral in pas ingezaaide tuinen en akkerlanden richt de mol veel schade aan. Eén mol is immers in staat om in minder dan een jaar zo’n vijf kruiwagens grond te verzetten. Wanneer u ontdekt dat een mol actief is of u wilt voorkomen dat een mol zich in de buurt vestigt, dan is het belangrijk om het gras regelmatig te maaien en het terrein te bewerken met zaai-, verticuteer- en bezandingsmachines. Het lawaai van deze machines heeft ook een afschrikwekkende werking op mollen, die gevoelig
zijn voor geluid. Ook het hoge gras aan de slootkant moet worden verwijderd of kort worden gemaaid. Bepaalde planten (o.a. keizerskroon en kruisbladwolfsmelk) verspreiden een geur, waar de mol niet van houdt. Molshopen kunt u het beste zo snel mogelijk naar beneden drukken, zodat de gang eronder
weer wordt opgevuld. Heeft u toch last van een mol in uw tuin of grasland, dan kunt u een vangkooi gebruiken. De mol wordt dan levend gevangen en kan elders worden vrijgelaten. Mollenklemmen
zijn bedoeld om de mol direct te doden, zodat onnodig lijden wordt voorkomen. Om de juiste gangen te vinden, kunt u het beste eerst uw perceel egaliseren. Na 24 uur zijn de in gebruik zijnde gangen en hopen al weer open gewroet.

Blijft u last houden van mollen in uw tuin? Neemt u dan contact op met een professioneel  plaagdierbestrijder. Hij brengt het probleem zorgvuldig in beeld en beschikt over kennis  en expertise om de mol effectief te bestrijden.

download hier mollenMollen