Overwinterende vliegen

Overwinterende vliegen

PERSBERICHT

oktober 2010

ALLEMAAL BEESTJES – Overwinterende vliegen

Is het buiten kouder? Dan kan het binnen nog weleens druk worden

Dat bepaalde zoogdieren jaarlijks genieten van een welverdiende winterslaap, is natuurlijk bekend. Maar dat ook vliegen bij dalende temperaturen een warme droge plek opzoeken om te overwinteren, is voor velen van ons nieuw. De clustervlieg dankt zijn naam aan het feit dat hij samen met een groot aantal soortgenoten in het najaar een gebouw of woning opzoekt. Zijn deze vliegen in hun eentje relatief onschadelijk, wanneer het om honderden exemplaren tegelijkertijd gaat, is wel degelijk sprake van overlast. En dan wordt het tijd om professionele hulp in te schakelen.

Naast de clustervlieg, hebben ook de grasvlieg en de herfstvlieg de gewoonte om massaal in gebouwen te overwinteren. Deze drie vliegensoorten vertonen bepaalde overeenkomsten met de ‘gewone’ kamervlieg, maar verschillen vooral qua uiterlijk en lengte. De clustervlieg lijkt op een sterk uitgegroeide kamervlieg met goudkleurige haren op de borst. Met een lengte van ongeveer 8 millimeter is de clustervlieg relatief groot. De herfstvlieg (6 tot 7 mm) en met name de grasvlieg (3 mm) zijn kleiner. De vliegen verschillen onderling in leefwijze, maar ontwikkelen zich wel allemaal buiten, bijvoorbeeld in weilanden, graslanden, e.d. Hun aantallen worden vooral bepaald door klimatologische omstandigheden. Hoe warmer en droger de zomer, hoe groter de aantallen. Volwassen vrouwtjes leggen eitjes op vochtige grond, bijvoorbeeld onder rottende bladeren. Na ongeveer een week komen de larven uit en gaan ze actief op zoek naar regenwormen, waaraan ze zich vasthouden. De made ontwikkelt zich vervolgens in het lichaam van de regenworm. Is de regenworm dood of bijna dood, dan boort de made zich een weg naar buiten en verpopt zich in de grond. De volwassen clustervlieg voedt zich met nectar van bloemen.

Grote aantallen
Tijdens de zomer en het begin van de herfst veroorzaken clustervliegen zelden overlast. Zodra het buiten kouder wordt, zoeken ze beschutting in hoeken en gaten in huizen en andere gebouwen. Naarmate de temperatuur nog verder daalt, zoeken ze meer bescherming en vormen vaak enorme clusters van duizenden vliegen. Om tot nu toe onduidelijke redenen is het zelfs zo, dat deze vliegen bij herhaling in dezelfde gebouwen voorkomen. Vooral hooggelegen panden hebben de voorkeur. De vliegen zijn relatief onschuldig, zeker wanneer ze in beperkte aantallen voorkomen. Pas wanneer ze in grote aantallen in gebouwen voorkomen, is werkelijk sprake van overlast. Op warme dagen in de winter en het voorjaar komen ze met tien- tot honderdtallen te voorschijn, vooral voor de ramen omdat ze op het licht afkomen. De overlast kan op deze manier lang duren. Zeker wanneer er niet tijdig en adequaat wordt ingegrepen met weringmaatregelen of bestrijding, kan een ware plaag ontstaan.

Horrengaas
Om dit te voorkomen, zal allereerst het binnendringen van het gebouw of de woning onmogelijk moeten worden gemaakt. Geopende ramen en deuren moeten daarom van horrengaas worden voorzien. Hetzelfde geldt voor andere openingen in buitenmuren, die bij voorkeur zelfs moeten worden gedicht. Op deze manier blijft de ventilatie in stand, maar kan er geen ongedierte de woning binnenkomen. Helaas geeft dit geen volledige garantie. Vliegen kunnen namelijk ook via dakpannen binnenkomen. En wanneer u zelf de woning betreedt, volgt een vlieg u vaak onopgemerkt naar binnen. In die gevallen kunnen vliegenmeppers, lijmvallen, elektrische insectenvangers of spuitbussen dienst doen. Bovendien verdient het aanbeveling om begroeiing van klimplanten tegen muren (klimop of wingerd) te verwijderen. Grasvliegen tonen hiervoor namelijk een voorliefde.

Effectief
Loopt het werkelijk de spuigaten uit en vormen vliegen een ware plaag? Dan is het tijd om een professional in te schakelen. Sommige middelen zijn zeer effectief, maar mogen alleen worden gebruikt door bedrijven, die in het bezit zijn van een bewijs van deskundigheid. Voor een goede bestrijding zullen alle ruimten waarin vliegen zich verschuilen, moeten worden behandeld. In sommige gevallen zullen gaten moeten worden geboord in buitenmuren of dakbeschot om het vliegencluster te bereiken. Daarna wordt een bestrijdingsmiddel ingespoten, vaak in poedervorm.

NVPB
Een deskundig ongediertebestrijder herkent u aan het NVPB-logo. Dit logo betekent dat de betreffende onderneming is aangesloten bij de Nederlandse Vereniging van Plaagdiermanagement Bedrijven, een organisatie die al meer dan 25 jaar staat voor service, kwaliteit en, waar mogelijk, het gebruik van milieuvriendelijke producten. Zij bestrijden die overwinterende vliegen, maar ook andere plaagdieren voor u met middelen die zijn toegelaten en die het milieu zo weinig mogelijk belasten. Meer informatie vindt u op www.nvpb.org. Hier vindt u ook de lijst met aangesloten bedrijven.