De NVPB heeft op 9 juli gereageerd op de internetconsultatie over de wijziging van de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Rgb). Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) is voornemens om in de Rgb voorschriften te verankeren voor het gebruik van rodenticiden. Het vastleggen van voorschriften in de Rgb is een voorwaarde om deze middelen op de Nederlandse markt beschikbaar te houden. De NVPB onderschrijft het doel van de regeling, maar acht de gekozen controleroute onwerkbaar.

Het kernbezwaar van de NVPB
Om naleving te controleren kiest de conceptregeling voor een externe, onafhankelijke deskundige die per bedrijf beoordeelt of volgens de normen wordt gewerkt. De NVPB spreekt zich nadrukkelijk tegen dit construct uit. De sector beschikt sinds 2012 over een geborgd kwaliteitssysteem (IPM-K), ondergebracht bij stichting KPMB, met certificering via audits door geaccrediteerde instellingen. Vrijwel elk professioneel knaagdierbeheersingsbedrijf is inmiddels IPM-K-gecertificeerd.

Aandachtspunten
De NVPB signaleert drie knelpunten. De externe deskundige kent een te laag deskundigheids- en borgingsniveau, waardoor een lichtere en zwakkere toets ontstaat naast het bestaande systeem met certificatie-audits. Ten tweede ondergraaft deze route het kwaliteitssysteem van KPMB. Tot slot beperken de gecombineerde vakbekwaamheids- en onafhankelijkheidseisen de beschikbaarheid van geschikte deskundigen in een sector met arbeidstekorten.

Voorstel van de NVPB
De NVPB pleit voor een dwingende wettelijke verwijzing naar de bestaande IPM-K-norm (vastgelegd in het HIK en CIK), of het algemeen verbindend verklaren daarvan op grond van artikel 111 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Blijft de regeling ongewijzigd, dan vraagt de NVPB minimaal om een geldig IPM-K-certificaat te erkennen als gelijkwaardige wijze van naleving, zodat gecertificeerde bedrijven niet dubbel worden gecontroleerd.

Download hier de NVPB-reactie op de internetconsultatie wijziging Rgb, 9 juli 2026.